Beste autoliefhebbers, berg je hooivorken maar op. Ten eerste omdat hooivorken toch een beetje ouderwets zijn, en ten tweede omdat de overgang van Alpine naar een elektrisch merk niet meer te betwisten valt. Het is een feit, dus je kunt het maar beter accepteren. Temeer omdat de beloften van het merk aantrekkelijk zijn...
Een bepaalde logica
De grootste belofte is dat, hoewel de toekomst van Alpine elektrisch is, het Franse merk zijn roots niet zal vergeten: sportwagens. We hebben al een voorproefje gekregen van wat dat zou betekenen achter het stuur van de A290, een aangepaste versie van de schattige Renault 5 die ons zeker heeft verrast. Maar de nieuwe A390? Die zou daar nog een extra versnelling aan moeten toevoegen.

Om dit te bereiken, heeft Alpine een aantal keuzes gemaakt. Ten eerste betekent "elektrisch" niet automatisch enkel en alleen "zuinig". Daarom zal de nieuwe A390 geen instapmodel met één motor hebben. Tenminste, voorlopig nog niet. Dat blijkt ook uit de technologische aanpak. Want hoewel het model gebaseerd is op het platform van de Scenic en Megane, hebben de teams van Alpine 50% van het geheel herwerkt, van de structurele componenten tot de aandrijflijnen... en zelfs de motoren!
Krachtig, maar zo extreem
Inderdaad, want de Alpine A390 is uitgerust met meerdere motoren. In tegenstelling tot de meeste elektrische auto's zijn dat er echter geen één of twee, maar... drie! Eén op de vooras en twee op de achteras. Meer is altijd beter, uiteraard, maar niet alleen voor meer vermogen. De lay-out met drie motoren stelt de ingenieurs bijvoorbeeld ook in staat om hun magie te laten werken via actieve koppelvectoring – het onafhankelijk van elkaar versnellen of vertragen van de achterwielen.

Samen leveren deze drie elektromotoren de Franse auto een vermogen van 400 pk en een koppel van 664 Nm. Dat geldt tenminste voor de GT, want de GTS-versie gaat nog een stapje verder met 470 pk en een koppel van 824 Nm. Genoeg om in slechts 3,9 seconden de grens van 100 km/u te overschrijden. In de wereld van de high-performance elektrische auto's is dat cijfer niet echt indrukwekkend, met Chinese en Duitse auto's die de oegening iets sneller klaren. Toch is de Alpine geen eendimensionale machine – daar komen we later op terug.
Conventionele elektrotechnologie
Om zijn drie motoren van stroom te voorzien, heeft Alpine een batterij van 89 kWh onder de vloer van de A390 geplaatst. Om precies te zijn, moeten we zeggen dat er eigenlijk twee batterij-opties zijn... maar hun capaciteit is identiek! De reden: die van de GT wordt geassembleerd door LG, die van de GTS wordt in Frankrijk geassembleerd door Verkor.

Al heeft de fabrikant van de accu's weinig invloed, want de autonomie is voor beide varianten vergelijkbaar, ondanks het extra vermogen van de GTS. Het verschil zit hem in de velgen: de A390 GT (20 inch) heeft een maximale autonomie van 557 km, terwijl de GTS (21 inch) 503 km haalt. Snelladen gebeurt dan weer aan 150 kW voor de GT en 190 kW voor de GTS.
De eerste in een reeks
Aangezien de A390 een hele reeks elektrische modellen moet inluiden, geeft Alpine hem trouwens een specifieke stijl, in tegenstelling tot de A290. Hoewel het merk ons wil wijzen op verwijzingen naar de A110, zien we vooral een vloeiend lijnenspel ten voordele van de aerodynamica.

Dat is te zien aan de motorkap, die een deel van de luchtstroom doorlaat, aan de aflopende daklijn en aan de kleine spoiler op de achterklep. Wat op de foto's dan weer niet zo goed te zien is, is het compacte formaat van deze A390. Je zou denken dat het een grote SUV is, in de stijl van een BMW X6, maar met een lengte van 4,61 m en een hoogte van 1,52 m is de Fransman eerder een middelgrote auto.
Schaalvoordelen
Hierboven hadden we het al over het harde werk dat de ingenieurs hebben verricht om het platform van de Scénic aan te passen aan deze Alpine. De chassis-équipe heeft zelfs de draagarmen en de demping volledig herzien, terwijl de ze op het motorendepartement een geheel nieuwe aandrijflijn met drie elektromotoren hebben ontwikkeld...

Daarbij lijkt het dat deze divisies het hele budget hebben opgebruikt... en dat er niets meer over was voor het interieur! Laten we het maar meteen zeggen: je zou niet geloven dat de A390 en de Scénic familie van elkaar zijn, totdat je de deuren opent! De Alpine neemt immers alle interieuronderdelen van zijn geruitte neefje, van het Google-infotainment, over het dashboard, maar ook alle deurpanelen, enz. Kortom, je snapt het wel.
Hoewel de Alpine net als de A290 een verhoogde middenconsole heeft en alles bekleed is met mooi blauw en wit nappaleer of alcantara, moeten we toch vaststellen dat Alpine niet zijn eigen weg kiest. Jammer, zeker voor een auto die een nieuwe generatie moet inluiden.
Een heel ander verhaal
Onder de indruk van de technologie, maar toch ietwat ontgoocheld door het interieur, dat is onze mening over de A390 op dit moment. Gelukkig raakt het rijgedrag een snaar die nog geen enkele elektrische auto wist te raken: die van de aangeboren dynamiek. De kleine trucjes van de ontwikkelingsteams staan centraal in de rijervaring.
De schokdempers met hydraulische aanslagen – bij compressie en ontspanning – bieden hem het comfort van een rallyauto. De drie motoren geven hem de wendbaarheid van een kleine sportwagen – waardoor hij strakker door de bochten gaat en stabiel blijft. De motoren leveren hun vermogen met een indrukwekkende soepelheid en de voorwielophanging is uiterst nauwkeurig.

Deze Alpine is niet gemaakt om indruk te maken op je vrienden bij het stoplicht. Hij is gemaakt om je een glimlach op het gezicht te toveren en een Special Stage in de Rally van Ieper in twee happen te verslinden! Uiteindelijk is de A390 een auto die zich tijdens het rijden openbaart. Het is een vrij bijzondere manier om premium te zijn. De Duitse logica gaat immers: “we veranderen alles behalve het rijgedrag”. Alpine doet het net andersom.
Dat kost een fikse duit...
Met de komst van de A390 wil Alpine zich duidelijk positioneren als het premium alternatief binnen de Renault-groep. Het is altijd een complexe opgave voor Franse fabrikanten om premiumauto's te maken, en dat geldt zeker voor deze A390.

De instapversie GT is verkrijgbaar vanaf € 67.500, terwijl de GTS maar liefst € 78.000 kost. Hoewel we moeten opmerken dat de uitrusting compleet is en dat de Sabelt-sportstoelen van de GTS een mooie verbetering zijn ten opzichte van de standaardstoelen, blijft het toch veel geld. De toekomst zal uitwijzen of de Fransen kopers kunnen overtuigen om de stap te zetten...
Conclusie
De Alpine A390 is een auto om mee te rijden. Daar komt hij volledig tot zijn recht. Bocht na bocht vergeet je dat het interieur gedeeld wordt met een Renault Scenic die bijna 15.000 euro goedkoper is, vergeet je de onnauwkeurige zitpositie en vergeet je de premium ambities van Alpine. Bocht na bocht besef je dat je in een auto zit om in te rijden, en dat het niet uitmaakt dat hij elektrisch is...
Reactie toevoegen
Je moet ingelogd zijn om reactie te plaatsen.
Inloggen