Pros
- Binnenruimte
- Infotainment
- Solide afwerking
Cons
- DCT-automaat (bij de 1.6 T-GDI)
- Verbruik viercilinder benzine
- Geluidsisolatie kan beter
Wat is dit?
Dit is de nieuwe Kia K4. Hij vervangt de Kia Ceed en is dus de nieuwe concurrent van de Volkswagen Golf, Peugeot 308 en Opel Astra. Toch werd hij niet rechtstreeks met Europa in gedachten ontworpen…
Wereldwijde mix
Waar zijn voorganger specifiek voor het oude continent werd ontwikkeld, is de nieuwe K4 een wereldwijd model. Met andere woorden: hij moet René uit Frankrijk net zo aanspreken als John uit Kentucky. Dat verklaart zijn formaat. Met een lengte van 4,44 m is de Kia K4 maar liefst 13 cm langer dan de oude Ceed. Daar stopt het niet: de nieuwkomer is ook 5 cm breder en zijn wielbasis is met 7 cm gegroeid.

Die specifieke afmetingen vertalen zich ook in een andere stijl. Net als de staart van een bever is de K4 lang, breed en plat. Kia benadrukt dat met een visuele signatuur die over de volledige voorzijde loopt, van onderaan de koplampen naar de grille, en vervolgens een omweg maakt langs het midden van de voorste spatborden.

Hetzelfde verhaal achteraan: de achterlichten lijken tegenwoordig meer ruimte in te nemen dan de bumper zelf! Verder voorziet Kia kunststof wielkastranden en een in de C-stijl verzonken handgreep voor de achterdeuren.
Meer ruimte en technologie
In het interieur valt die groei meteen op. Je neemt plaats in een compacte wagen die compact enkel in naam is. De achterbank is comfortabel en de koffer meet nu 438 liter. Een mooie vooruitgang tegenover de 357 liter van de laatste Ceed.

Maar de K4 draait niet alleen om ruimte. Vooraan is het dashboard opgezet zoals bij de recentste elektrische modellen van het merk. Met andere woorden: alles is gemaakt van degelijke, solide en zacht aanvoelende materialen, en je vindt er twee grote schermen, aangevuld met een compacte bedieningseenheid voor de klimaatregeling.
Op z’n ouderwets
Wat de K4 zijn inborsst verraadt, is de versnellingspook op de middenconsole. Waar de elektrische modellen van het merk beschikken over een handig klein draaiknopje achter het stuur, moet de K4 het doen met… een ouderwetse mechanische versnellingspook!

De reden is nochtans eenvoudig: hoewel deze K4 het platform van de Niro gebruikt, is hij helemaal niet elektrisch en zelfs geen hybride (afgezien van een lichte 48V-hybridisatie). Onder de motorkap zit een 1,0-liter driecilinder met 115 pk of een 1,6-liter viercilinder met 150 of 180 pk. Beiden drinken benzine en de tweede motorisering is standaard gekoppeld aan een 7-traps automaat met dubbele koppeling.
Zowel heel goed als teleurstellend...
Het is precies die combinatie die wij een week lang hebben getest. In een sector die bijna volledig wordt gedomineerd door elektrisch nieuws, kan een benzinemotor aanvoelen als een frisse maaltijd. De K4 liet ons echter op onze honger zitten. De boosdoener is daarbij vooral de versnellingsbak.

Die automaat met dubbele koppeling heeft de vervelende neiging om in tweede versnelling te vertrekken en daarbij de koppeling te laten slippen. Als een slechte (of zeer oude) bestuurder eindig je met een motor die tot 2.000 t/min schreeuwt om de eerste meters af te leggen. Los van het geluidsongemak vraag je je vooral af hoe het met de levensduur gesteld is… Daarnaast merken we traagheid bij terugschakelen, schokkerige overgangen tussen versnellingen en een gemiddeld verbruik dat na 600 km boven de 8,0 l/100 km uitkomt.
Dat is zonde, want het chassis smaakt naar meer en deze hatchback heeft alles in zich om uit te groeien tot een sterke speler in zijn segment. Zonder omwegen: de K4 heeft dringend een potente hybridemotor nodig. Anders rijd je volgens ons beter elektrisch.

Verdict
De Kia K4 is comfortabel, ruim, zeer goed uitgerust en heeft een veilig weggedrag. De 1.6 T-GDI-motor en automatische versnellingsbak zijn momenteel zijn grootste zwakte. Daardoor verlangen we naar de soepelheid van een EV, of een potente hybride...
Reactie toevoegen
Je moet ingelogd zijn om reactie te plaatsen.
Inloggen