Audi heeft z’n elektrische Q4 e-tron vernieuwd, maar geen nood als je het verschil niet meteen ziet. Van buitenaf verandert er namelijk niet bijzonder veel maar binnenin is hij bijna onherkenbaar, en ook onderhuids is er heel wat verbeterd. Wordt dit dan je volgende leasewagen?
Wat is dit?
Dit is, zoals je ziet, een Audi Q4 e-tron. Die elektrische SUV kennen we namelijk al sinds 2021 en hij rijdt intussen veelvuldig over onze wegen. Dat gebeurt alleen nét niet veelvuldig genoeg want in de ranglijsten van populairste leasewagens moet Audi steevast de BMW iX1 boven zich dulden. Tijd dus om daar wat aan te doen, maar dan op subtiele wijze.
Why change a winning team
Maak kennis met de vernieuwde Audi Q4 e-tron en die blijft meteen herkenbaar als zijnde een Q4 e-tron. Zo blijft de vorm natuurlijk ongewijzigd waarbij je nog steeds de keuze krijgt uit een SUV-versie of een Sportback, in dit geval Audi’sch voor ‘coupé-SUV’. In die vorm is de Q4 e-tron dus eerder een concurrent voor een BMW iX2 maar als SUV zit hij nog steeds regelrecht in het vaarwater van de iX1 met z’n lengte van net geen 4,6 meter.

Toch zijn er een aantal zaken waar je de facelift aan kan herkennen, te beginnen met de ‘Singleframe’-grille. Die is nog steeds even achthoekig en even gesloten, maar hij steekt nu in koetswerkkleur in plaats van in dat ietwat klassieke grijs van voorheen. Hetzelfde geldt voor de grijze sierstrook in de bumper: die wordt vervangen door twee subtielere luchthappertjes aan weerszijden. De koplampen krijgen dan weer een iets aangepaste indeling met personaliseerbaar lichtsignatuur maar veel meer dan dat verandert er niet… Why change a winning team dus — maar dan in ’t Duits.
Minder knoppen, meer Android
Enkel vanbinnen kon dat team blijkbaar wat hulp gebruiken, en nog geen klein beetje ook. Zo blijft er bijna niks van het oude dashboard over want in de plaats daarvan wordt alles nu gedomineerd door een gebogen vlak met schermen. Daarin zitten er standaard twee stuks: een bestuurdersdisplay van 11,9 inch en een touchscreen van 12,8 inch. Optioneel kan je nu ook een derde scherm van 12 inch laten monteren voor de passagier maar doe je dat niet, dan kijkt die niet op een leeg zwart vlak. Audi heeft namelijk een apart dashboard ontworpen voor wie géén derde scherm kiest — luister je mee, Mercedes CLA?

De hele set-up werkt bovendien een stukje intuïtiever dan voorheen dankzij het nieuwe infotainmentsysteem op Android Automotive-basis, en dat is maar goed ook. Audi heeft namelijk het rijtje fysieke sneltoetsen onder het scherm verwijderd, dus zaken zoals de temperatuur van de klimaatregeling moet je tegenwoordig via het scherm aanpassen. Het schuivertje voor de aandrijflijn blijft wel van de partij en krijgt nu een plek in een hogere, doorlopende middenconsole voor dat extra beetje cockpit-gevoel.
Vaarwel, cijfertjes
Ook de aandrijflijnen die dat schuivertje bedient, kregen trouwens een update. Zo gooit Audi de cijfertjes achter de naam buiten waardoor je nu kan kiezen uit een Q4 e-tron-zonder-meer, een Q4 e-tron Performance, een Q4 e-tron Quattro en een Q4 e-tron Quattro Performance. Die eerste neemt dus de plek in van de e-tron 40 met z’n accu van 59 kWh, terwijl de laatste drie de oude 45- en 55-versies vervangen met 77 kWh onder de bodem. De basis-35 van weleer krijgt voorlopig geen vervolg.

Die vier versies verschillen natuurlijk ook qua vermogen, waarbij de basis-Q4 e-tron een gloednieuwe elektromotor met 204 pk op de achteras krijgt. De Performance-versie behoudt dan weer de gekende elektromotor met 286 pk, die een paar jaar geleden al aan het gamma werd toegevoegd. De Quattro schopt het tot 299 pk door die eerste elektromotor te combineren met eentje van 109 pk op de vooras, en de Quattro Performance koppelt dezelfde motor op de vooras met die van 286 pk op de achteras goed voor 340 pk.
Efficiëntere basismotor
Nu horen we je al denken “wacht, voorheen had de Q4 e-tron toch ook al een elektromotor met 204 pk?” En dan heb je gelijk, maar toch gaat het om een volledig andere krachtbron. Die heeft niet alleen meer koppel — 350 Nm in plaats van de oude 310 — maar pakt ook uit met een lager verbruik. Dat was stiekem ook wel nodig want voorheen was Audi’s elektromotor met 204 pk minder zuinig dan die met 286 pk, ondanks z’n kleinere vermogen dus. Daar komt nu verandering in en dat merk je aan het rijbereik.

Zo hield de Q4 e-tron 40 het voorheen bij maximaal 423 kilometer range maar hoewel de accu gewoon z’n 59 kWh aan capaciteit behoudt, stijgt het rijbereik naar 451 kilometer. Dat cijfer geldt dan wel voor de meer gestroomlijnde Sportback-versie maar de SUV doe het niet veel slechter met z’n 440 kilometer. Het verste kom je echter met een Performance-versie zonder Quattro: die haalt nu 592 kilometer als Sportback en 578 kilometer als SUV. Mét vierwielaandrijving gaat daar dan 20 kilometer af voor de Quattro en 40 kilometer voor de Quattro Performance.
500 realistische kilometers
Voor deze test kozen wij de verst rijdende van die versies: de Q4 e-tron Performance. Die bleek effectief opmerkelijk zuinig te zijn met een verbruik dat rond de 16 kWh/100 km schommelde, waardoor je in de praktijk dus net geen 500 kilometer uit die accu zou halen. Ter vergelijking: nadien stapten we ook even in een Quattro-versie en daar bleef ons verbruik rond de 17 kWh/100 km hangen. Ook niet verkeerd dus, al hadden we stiekem wel gehoopt dat Audi het snellaadvermogen bij de facelift wat zou opkrikken. Dat blijft voor onze beide versies steken op 165 kW, al mag een Quattro Performance als enige wel 185 kW halen.

Een aantal andere technische zaken zijn wel aangepakt, zoals de remregeneratie. Zo heeft de Q4 e-tron nu ook een ‘One-Pedal’-modus waarbij je dus versnelt en vertraagt door enkel het gaspedaal te gebruiken, en de zelfs volledig tot stilstand kan komen. Die werkte tijdens onze testrit lekker intuïtief maar is dat niet je ding, dan kan je de normale remregeneratie ook afregelen in drie trappen van intensiteit. Daarnaast kreeg de Q4 e-tron bij de facelift ook een V2L-functie zodat je stroom kan aftappen voor elektrische toestellen.
Nipt duurder dan BMW
Verder blijft dit echter de Q4 e-tron zoals we ‘m kenden en weet je wat: daar is niks mis mee. Zo is dit nog steeds een lekker ruime SUV voor z’n segment met 520 liter kofferruimte — oftewel 30 liter meer dan publieksfavoriet BMW iX1. Bovendien pronkt Audi met 25 liter aan opbergvakken binnenin, waaronder een setje slim gevonden flessenhouders in de voorste twee portieren. Daardoor zou je bijna vergeten dat er nog steeds geen frunk of voorkoffer is.

Trek jij je van dat laatste niks aan, dan vind je de vernieuwde Audi Q4 e-tron in de configurator vanaf 52.900 euro. Daarmee is hij welgeteld 1.700 euro duurder dan de goedkoopste BMW iX1, die dan wel een groter rijbereik heeft maar over iets minder standaarduitrusting beschikt dan de Audi. Voor dat geld krijg je dus die Q4 e-tron-zonder-meer, en voor de Performance-versie ben je 5.000 euro meer kwijt. Een Quattro kost dan weer minstens 60.900 euro en een Quattro Performance 64.700 euro en wil je een Sportback, dan krijg je die telkens voor 2.000 euro meer.
Conclusie
Audi speelt het op veilig met de vernieuwde Q4 e-tron, of toch vanbuiten. Binnenin is vrijwel het volledige dashboard nieuw en onderhuids wordt de efficiëntie nu ook doorgetrokken tot de basisversie. De échte basisversie van weleer, de Q4 e-tron 35, keert echter niet terug en dat maakt de Audi een beetje duurder… Duurder zelfs dan grootste concurrent BMW iX1, en dat is natuurlijk jammer voor de perceptie.
Reactie toevoegen
Je moet ingelogd zijn om reactie te plaatsen.
Inloggen